Ik maak me zorgen
om iemand

Maak jij je zorgen om iemand die (mogelijk) het slachtoffer is van mensenhandel? Draag deze last niet alleen en ga met iemand in gesprek. Ook als je alleen vermoedens hebt, is het goed om er over te praten. Zorg ervoor dat je professionele hulp inschakelt. Je kan hiervoor terecht bij de politie, maar ook bij RUPS of maatschappelijk werk.

Checklijst Dit is ook mensenhandel

Wist je dat dit allemaal vormen van mensenhandel zijn? Bij mensenhandel is er sprake van uitbuiting. Er wordt gebruik gemaakt van iemand zonder dat daar toestemming voor is gegeven.

Word iemand gedwongen om tegen betaling seks te hebben met andere?

Moet iemand onder slechte omstandigheden, 15 uur per dag werken. Is de baas achter met het uitbetalen van loon en kan er geen ontslag genomen worden omdat iemand dan woonruimte verliest?

Krijg iemand via Instagram dure kleding en sieraden aangeboden? En moet diegene nu in ruil daarvoor drugs verkopen op school?

Word iemand door ‘vrienden’ gedwongen om een straatroof te plegen, en moet de buit afgegeven worden?

Is iemand gevlucht uit een oorlogsgebied en moet diegene nu als prostituee werken in Nederland? Wordt het geld afgenomen en is de ruimte waar er gewerkt wordt vies en onveilig?

Moet iemand van zijn vader bij een elektronica winkel dure spullen stelen? Om de buit vervolgens af te staan voor verkoop?

Hoe herken je mensenhandel?

Mensenhandel houdt in dat mensen worden uitgebuit of onder mensonterende omstandigheden te werk worden gesteld. Anderen profiteren daarvan. Het is een ernstige schending van de mensenrechten en een zware vorm van criminaliteit.

Wie kan jou helpen?

Ben jij slachtoffer van mensenhandel?
Of weet je dit niet zeker, maar voel je je wel onveilig?

IN GEVAL VAN NOOD BEL JE DE POLITIE:
BEL 112

De politie heeft ook een speciale afdeling (AVIM) waar je terecht kan. Daar werken mensen die gespecialiseerd zijn en weten hoe ze je kunnen helpen: 0900-8844

Anoniem melden?: 0800 – 70 00 of meld online.

Wil je niet gelijk hulp, maar gewoon even praten of advies: 06 589 835 93

Deze organisaties bieden hulp bij mensenhandel in de Regio Hart van Brabant.

Ervaringsverhaal

Mousa (22)

“Als je niet luistert, gebeurt er iets verschrikkelijks”

Mousa moest gedwongen vluchten uit zijn thuisland Pakistan. Zijn vader betaalde geld aan een mensenhandelaar, die hem tegen zijn zin in meenam. “Het was heel zwaar dat mijn vader mij aan hem gaf”, zegt de nu 22-jarige Mousa. “Ik vroeg steeds waar we heen gingen. Ik had geen idee.”

Taliban

Mousa had een hele normale jeugd met zijn familie in Pakistan. Hij leefde onbezorgd, tot de Taliban aan de macht kwam. Deze omslag kan Mousa zich nog goed herinneren. “Ik was veertien toen hun invloed op ons land veranderde in iets heel gevaarlijks. 

Mensen werden ontvoerd en zelfs vermoord, vanwege het geloof. Mijn broer is vermoord toen ik vijftien was. Hij werkte voor een Europees bedrijf, wat volgens de Taliban niet mocht. Toen hij niet stopte met werken, besloten ze hem zelf te stoppen.” Dat zijn jeugd al voorbij was op zijn veertiende, merkte Mousa niet alleen aan het verdriet om zijn vermoorde broer, maar ook aan het leven op straat. Zo waren de Taliban-leden altijd aan het dreigen met heftige straffen, voor mensen die hun regels niet volgden. “Ik maakte als 14-jarig jongetje een grote fout”, zegt hij over die tijd.

Een potje cricket

Mousa speelde als kind fanatiek cricket, een populaire sport in Pakistan. Zo fanatiek, dat hij tijdens een verhit potje spelen per ongeluk een ander jongetje flink verwondde. De familie van dat jongetje had zich aangesloten bij de Taliban. Uit een soort wraak belandde Mousa samen met zijn familie op een opsporingslijst. Het werd al snel duidelijk dat zij zouden moeten vluchten, voor hun eigen veiligheid. “Door mijn fout moest mijn hele familie verhuizen. Er werd tegen mij gezegd dat ik weg moest, naar mijn tante. Na een paar uur rijden wist ik dat ik daar niet heen ging.”

In plaats van bij zijn tante, kwam Mousa bij een mensenhandelaar terecht. Deze nam hem tegen zijn wil mee naar Iran. “Mijn vader zou me eigenlijk naar een vriend van hem brengen. Toen ik erachter kwam dat mijn vader niet mee ging, wist ik ook direct dat dit geen vriend van hem was. Ik raakte in paniek. Ze hebben mij allerlei middeltjes gegeven zodat ik niet bang zou zijn.”

Te voet de grens over

“Ik wilde niet mee gaan. Er gebeurden zoveel verschrikkelijke dingen met mij toen. Ik werd eerst meegenomen naar Iran. Daarna ging ik naar Turkije en vanaf Turkije moesten we door naar Europa. We moesten steeds ‘s nachts de grens over steken, altijd te voet. Mijn handelaar bepaalde dan wanneer het goede moment was om te gaan. Als mensen niet meer door konden lopen, lieten we die gewoon voor dood achter in de Sahara. Ik heb zelfs over skeletten moeten lopen. Het was elke keer wachten op de kans om te vertrekken, maar die kwam niet. Er werd steeds tegen me gezegd: ‘Als je niet luistert, gebeurt er iets verschrikkelijks.’”

“Ik moest mijn plan steeds bijstellen. Eenmaal in Frankrijk, na een groot aantal landen, werd ik vrijgelaten. Ik vroeg bij onbekende mensen om geld en besloot te liften naar Nederland. Soms was dat makkelijk, maar meestal moest ik heel veel smoesjes gebruiken. Alles bij elkaar duurde het vijfenveertig dagen voor ik in Nederland was.”

In plaats van bij zijn tante, kwam Mousa bij een mensenhandelaar terecht. Deze nam hem tegen zijn wil mee naar Iran. “Mijn vader zou me eigenlijk naar een vriend van hem brengen. Toen ik erachter kwam dat mijn vader niet mee ging, wist ik ook direct dat dit geen vriend van hem was. Ik raakte in paniek. Ze hebben mij allerlei middeltjes gegeven zodat ik niet bang zou zijn.”

Een toekomst in de zorg

Uiteindelijk strandde hij in Eindhoven, waar hij door de politie bij een paspoortcontrole werd aangehouden. Hij werd naar een asielzoekerscentrum gebracht en kwam later, toen hij achttien was geworden, terecht bij Sterk Huis. Hanneke Andriessen was zijn mentor. Mousa spreekt lovend over haar: “Met haar begon in aan verschillende projecten. Het ging daarna steeds beter en ik kwam er achter wat ik wilde gaan doen in Nederland.”

Tegenwoordig volgt Mousa een BBL-opleiding in de zorg en werkt hij daarbij een flink aantal uren, waar hij erg blij mee is. Ambitieus is Mousa ook: “Ik wil hierna nog Verpleegkunde gaan studeren. Ik vind wat ik doe echt heel leuk”, vertelt hij enthousiast in keurig Nederlands.

“Ik moest mijn plan steeds bijstellen. Eenmaal in Frankrijk, na een groot aantal landen, werd ik vrijgelaten. Ik vroeg bij onbekende mensen om geld en besloot te liften naar Nederland. Soms was dat makkelijk, maar meestal moest ik heel veel smoesjes gebruiken. Alles bij elkaar duurde het vijfenveertig dagen voor ik in Nederland was.”

In plaats van bij zijn tante, kwam Mousa bij een mensenhandelaar terecht. Deze nam hem tegen zijn wil mee naar Iran. “Mijn vader zou me eigenlijk naar een vriend van hem brengen. Toen ik erachter kwam dat mijn vader niet mee ging, wist ik ook direct dat dit geen vriend van hem was. Ik raakte in paniek. Ze hebben mij allerlei middeltjes gegeven zodat ik niet bang zou zijn.”